Notitie bij Pieter: bakker, landman, landbouwer, organist en muziekdirigent; Pieter had met zijn vrouw een bakkerij met winkel in Purmerend. Zij werd echter al gauw ziek en na haar overlijden sukkelde hij nog ruim een jaar door met telkens andere huishoudsters. Begin 1907 vertrok hij weer naar Castricum, om bij zijn ouders in te trekken. Deze hadden, behalve een bakkerij, ook nog een boerderij in de Kerkbuurt. Pieter zei het bakkersvak vaarwel en koos voor de boerderij, zodat hij voortaan landman of landbouwer werd. Pieter kreeg pianolessen en op 15 jarige leeftijd zelfs orgelles. Na zijn terugkeer in Castricum kreeg hij de leiding over het Castricums Mannenkoor, dat in 1909 in Bakkum zijn 1e concert gaf. Ook de fanfare stond meerdere jaren onder zijn leiding. Verder was hij lid van de toneelgroep en dirigent (direkteur) van zangkoren en fanfare-orkesten in Castricum, Egmond-Binnen, Heemskerk en Heiloo. Na het overlijden van Willem Piepers in 1920 werd hij aangesteld als organist van de Pancratius-parochiekerk te Castricum. Hij ontving de pauselijke onderscheiding het gouden kruis "Pro Ecclesia et Pontifice" en een eremedaille in de Orde van Oranje Nassau. Hij hertrouwde in 1914 te Castricum met Catharina Brandjes